In deze quilt vind je de kern van het boek: de Psalmen. Het oog van God wat  ons ziet.

Hij ziet de moeite en het verdriet en neemt het in Zijn handen. Ook wij mogen het in Zijn handen leggen.

Je ziet in Zijn handen onze tranen, de rode tranen van pijn en de grijze tranen van verdriet.

In Zijn hand een bloem die uitgebloeid is, het symbool van de rouw.

De herfstbladeren die op de grond liggen staan symbool voor het ouder worden, het leven naar het einde.

In zijn hand zijn onze levensdraden, de gele is de draad van lichte dagen en de groene draad van donkere dagen.

Daar doorheen gevlochten een rode draad. God is in ons leven aanwezig en leidt ons.

Uit de dorre bladeren en de uitgebloeide bloem komt een roos omhoog.

In de psalmen hoor je een lied van de diepte, maar ook van hoop en leven.

God laat door alle moeite heen ons toch bloeien als een roos. Langs de steel ook de rode draad.

In twee hoeken is er klimop gequilt. Klimop hecht zich vast aan muren.

De dichters klemmen zich in hun psalmen vast aan God en aan Zijn beloften.

Het is een boek vol licht en schaduw. Van afsterven en van bloeien.

Van barmhartigheid en van mededogen. Van liefde en van hoop.

 

muziek: " Verlangen naar vertroosting" van Ronald Koops.