Deze quilt is gemaakt n.a.v. een gedicht over Lucas 13: 6 t/m 9.

De groene blokjes in de quilt zijn de bladeren aan de vijgenboom.

Na een jaar extra zorg komt er toch de bloesem.

De hand van God streelt deze bloesem en de bloesem springt open.

 

Vrucht dragen.

 

Vader, ik was een groene vijgenboom

en deed alleen maar groeien,

‘k had een prachtig bladerdak,

maar … vergat voor U te bloeien.

 

Vader, ik vond dat heel niet erg,

had het ook niet in de gaten

en vond mijzelf een goede boom

waar mensen heerlijk onder zaten.

 

De tuinman - ’t was Uw eigen Zoon –

die kwam me steeds op tijd verzorgen,

Hij gaf de moed nog steeds niet op

en hoopte steeds op ….. morgen.

 

In ’t voorjaar kwam U weer eens langs,

toen hoorde ‘k U alleen maar zuchten,

want Ú keek door mijn blaad’ren heen

en vond nog steeds geen vruchten.

 

“Ach tuinman”, zei U en Uw stem klonk mat,

“wat staat deez’ boom nog op de aarde,

hij heeft nog nooit een vrucht aan Mij gebracht,

voor deze tuin heeft deze boom geen waarde”.

 

Ik stond daar, ‘k hoorde alles aan,

ook hoe de tuinman stond te smeken,

“Vader heb nog wat geduld,

geef mij nog twee en vijftig weken”.

 

In ’t jaar dat voor mij was bijgevoegd,

ging de tuinman goed aan ’t snoeien,

hij kwam nog vaker langs dan eerst,

want Híj geloofde dat ik eens zou bloeien.

 

O, Vader wat heb ik mij toen diep geschaamd,

voor zoveel liefde mij gegeven,

toen boog ik diep mijn takken neer

en zei: “Heer, hier is mijn vruchtloos leven”.

 

Als straks het nieuwe voorjaar komt

en U weer bij mij langs komt lopen,

dan streelt Uw hand mijn eerste knop

- en springt mijn bloesem open - 

 

Rieteke Hoogendoorn

 

muziek: " Wees stil voor het aangezicht van God" van Ronald Koops.